Matthijs den Dekker

Stel vragen, zoek God, reis mee. Verhelder je blik. | Een blog sinds 2013

Amen on panel painting

Wat ik geloof(de)

Een reactie plaatsen

Een jaar of twee geleden lag mijn geloof nog heel wat meer onder vuur dan nu. Ik wist vooral wat ik niet wilde, wat ik niet geloofde, wat ik niet meer geloofde. In die tijd was ik op zoek naar wat ik wel geloofde. Ik probeerde dat op papier te zetten en onderstaande ‘geloofsbelijdenis’ kwam er uit. Ik kwam hem onlangs weer tegen op mijn computer en het raakte me. Ik ontdekte hoezeer ik toen een basis heb gelegd voor wat ik nog steeds geloof. Ik besefte ook hoezeer mijn worsteling heel wat meer vuur in mijn geloof legde dan dat ik nu soms heb. Daarom plaats ik het hier, als eerbetoon aan de continue verandering in ons leven, en als herinnering aan de passie die voortkomt uit worsteling.

Ik geloof

Ik geloof dat God leeft, dat Hij de kern van het leven in zich draagt, dat Hij datgene is dat we niet vinden als we onze wereld uiteenrafelen tot steeds kleinere stukjes in de hoop dat ene fragment te vinden dat een verzameling moleculen leven geeft.

Ik geloof dat God er was en er zal zijn, dat hij het heelal tot bestaan heeft geroepen en in een wervelende dans van opkomst en ondergang soorten vormde, variatie inbouwde in zijn schepping, omdat Hij niets anders kan dan gevarieerd zijn. Hij plantte de vonk van Zijn bewustzijn in de mens, verhief hem boven de schepping, creëerde de verbinding van de liefde en de trouw en opende het kanaal tussen Zijn geest en onze geest. Bij God is miljoenen jaren als zes dagen.

Ik geloof dat God de schepping in Zijn hand houdt, Hij de aarde draaiende houdt, dat Hij de drijvende kracht achter de natuurwetten is. Hij is zichtbaar in de natuur, maar niet te vinden in datgene wat Hij in de hand houdt. Hij kan ingrijpen, maar doet dat meestal niet.

Ik geloof dat God dichtbij komt. Hij ziet mij, Hij kent mij, Hij aanvaardt mij, Hij zoekt mij, Hij lacht om mijn grappen, Hij waardeert mij, Hij moedigt mij aan, Hij rouwt om mij, Hij is trots op mij, Hij wil mij. Geloven is geen zeker weten, maar de zekerheid van wat ik hoop. Ik kan niet anders leven dan hier van uitgaande, het leven met het idee dat het anders kan zijn, heb ik te lang geleefd.

Ik geloof dat ik niets kan doen om Gods liefde te winnen. Dat betekent dat ik ook niets hoef te doen om Gods liefde te winnen. Moeilijk, want probeer maar eens niets te doen.

Ik geloof dat Jezus op een uitzinnige manier God-zijn en mens-zijn verbond. Ik geloof dat Jezus iets gerepareerd heeft waardoor de relatie met God weer geleefd kan worden vanuit die zekerheid van wat ik hoop. Ik weet niet wat Jezus hersteld heeft, of hoe.

Ik geloof dat Jezus volgen en God kennen hetzelfde is. Jezus is voor mij vager dan God, misschien omdat Jezus persoonlijker en tastbaarder is en daarom al snel dichterbij komt dan ik prettig vind. Een relatie met God bouwen is makkelijker, omdat er maar één God is. Een relatie met Jezus bouwen, betekent dat ik moet leren relaties met mensen aan te gaan.

Ik geloof dat er een heilige Geest is. Alles wat ik verder over Hem zou zeggen, zou ik zelf niet snappen.

Als ik dit breder trek, geloof ik dat er zoveel dingen aan God zijn die ik niet weet, dat ik altijd gedoemd ben nederig te blijven.

Ik geloof dat God geneest, maar niet altijd. Ik geloof dat God wonderen doet, maar meestal niet. Ik geloof dat God deze wereld beter wil maken, maar niet door direct persoonlijk contact. Iemand zei eens: ‘De mens is Gods plan voor deze wereld. Er is geen plan B.’ Dat geloof ik.

Ik geloof dat ik gaven en talenten heb gekregen om op een bepaalde manier te functioneren in deze wereld. Ook om op een bepaalde manier God te dienen in deze wereld en mijn steentje bij te dragen aan de komst van wat men Gods Koninkrijk noemt. Dat betekent dat ik veel dingen kan doen, maar ook dat ik veel dingen niet hoef te doen. Ik eer God door mijn talenten te gebruiken en geloof dat ik daar trots op mag zijn. Zonder God kan ik niet doen wat ik doe, maar zonder mij zou God dingen niet gedaan krijgen zoals ik ze doe.

Ik geloof dat God er is, dat ik bij Hem moet zijn. Soms tegen wil en dank, soms tegen heug en meug, soms schaamtevol en verslagen. Ik geloof, ik weet niet hoe, ik kan het niet in woorden vangen en wil het niet in woorden vangen. Geloven is voor mij een reis, een worsteling, een schurend beminnen, een stoeipartij, een ruzie waardoor je de ander beter leert kennen, de dans van een tijger met zijn prooi. Soms ben ik de tijger, soms God.

 

 

(Fotocredit: the justified sinner, creative commons)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *